Jump to Navigation

Als stress de overhand neemt

Iedereen heeft doelen in zijn leven: dingen die men belangrijk vindt, die men nastreeft en wil bereiken. In het dagelijks leven voelen mensen zich goed zolang zij deze doelen in redelijke mate kunnen realiseren. Naarmate de doelen in gevaar komen, gaat men meer moeite doen. Men is uitermate alert, functioneert optimaal, wordt meer gespannen en voelt stress. 

Soms slaagt men er niet in zijn doelen te bereiken. Men heeft het gevoel dat men het allemaal niet meer in de hand kan houden. Gevoelens van verslagenheid en lusteloosheid overheersen. Men raakt gemakkelijker gespannen als men:

  • niet weet wat er gaat gebeuren;

  • (het gevoel heeft dat men) geen invloed of controle kan uitoefenen op de situatie;

  • in een dubbelzinnige situatie zit;

  • (het gevoel heeft dat men) er alleen voor staat.

Sommige mensen maken een trauma mee (bijvoorbeeld een verkeersongeval, een bijna-dood-ervaring, misbruik, (oorlogs)misdaden, en dergelijke). Als reactie hierop kan intense angst ontstaan en staat de stressmeter in het rood waardoor het dagelijks functioneren niet meer vanzelfsprekend is. Dan praten we over een stressstoornis.

Men spreekt ook wel eens over de PTSS, de posttraumatische stressstoornis: bij mensen die werden blootgesteld aan feitelijke of dreigende dood, ernstige verwondingen of seksueel geweld kan dit optreden. Sommige mensen zullen alles proberen te ontwijken wat met het trauma te maken heeft (bijvoorbeeld oorlogsfilms, bunker op het strand,...). Pijnlijke herinneringen, dromen en flashbacks kunnen hen doen lijden. Angst, afschuw, boosheid, schuld en schaamte kunnen optreden. Ze kunnen concentratieproblemen ervaren, moeite hebben met slapen en overdreven schrikreacties tonen. PTTS kan voorkomen op elke leeftijd, de eerste symptomen beginnen meestal binnen de eerste drie maanden na het trauma. Mensen met PTSS hebben een groter risico op zelfmoordgedachten  en -pogingen.

Tips

  • Praat over het trauma met de persoon: de pijn zal het snelst slijten als hij/zij tot zich door laat dringen wat er gebeurd is. Kunnen rouwen is belangrijk. Opschrijven kan hiervoor een middel zijn, evenals bijvoorbeeld de gebeurtenis tekenen of schilderen. 
  • Het is belangrijk een luisterend oor te hebben voor de persoon. Hij of zij is er het meest mee geholpen regelmatig het verhaal te kunnen doen, ook al hoort de luisteraar een aantal keren hetzelfde verhaal. 
  • De gevolgen van een traumatische gebeurtenis zijn meestal niet binnen een paar weken verdwenen. Zeg niet te snel dat iemand er nu maar overheen moet zijn. 
  • Iemand met PTSS wil veiligheid ervaren na een traumatische en onveilige ervaring. Wees duidelijk, open en eerlijk naar de persoon. Een belofte niet nakomen, een in vertrouwen verteld verhaal doorvertellen maakt dat de persoon opnieuw het gevoel krijgt dat een ander niet te vertrouwen is. 
  • Vraag hem/haar hoe jij hem of haar kunt steunen, maar neem niet alles uit handen, laat de persoon zelf de controle houden. 
  • Een persoon met PTSS zal soms geneigd zijn zich te isoleren. Zoek afleiding in zaken die hij/zij voorheen al plezierig vond, bijvoorbeeld het bezig zijn met hobby’s of activiteiten ondernemen met vrienden. 
  • Stel haalbare doelen op met de persoon, leer hem/haar vaardigheden aan om doelen te bereiken. 
  • Probeer te waken over een normaal dagritme.
Koppelingen
Trefwoorden woordenwolk:


Main menu 2

Page | by Dr. Radut